Getest is niet hetzelfde als toepasbaar
Waarom een brandclassificatie alleen niet genoeg zegt
“Deze pui is EI60 getest.”
Het klinkt als een duidelijk antwoord op een duidelijke vraag. Er wordt 60 minuten brandwerendheid gevraagd, het systeem is EI60 getest, dus we kunnen door.
Toch?
Niet helemaal.
Een brandtest bewijst namelijk niet dat iedere denkbare uitvoering met dat systeem automatisch dezelfde prestatie levert. Een test bewijst dat een bepaalde constructie, in een bepaalde configuratie en onder bepaalde omstandigheden een bepaalde prestatie heeft geleverd.
En precies daar ontstaat in de praktijk regelmatig verwarring.
Want tussen een geteste constructie en de pui of deur die uiteindelijk in een gebouw terechtkomt, zitten nogal wat variabelen.
Andere afmetingen. Ander glas. Een ander slot. Een bovenlicht. Een zijlicht. Een andere draairichting. Een afwijkende aansluiting op de bouwkundige constructie.
Soms zijn die verschillen toegestaan.
Soms ook niet.
De werkelijke vraag is daarom niet alleen:
“Is het systeem getest?”
Maar vooral:
“Valt de uitvoering die we hier willen maken binnen het toepassingsgebied van het beschikbare bewijs?”
Dat lijkt een klein verschil. In de praktijk is het een wereld van verschil.
Een brandtest is geen blanco cheque
Brandwerende deuren, puien en kozijnen worden onder gecontroleerde omstandigheden getest. Tijdens zo’n proef wordt een specifieke constructie blootgesteld aan brand en wordt beoordeeld hoe deze zich gedurende een bepaalde tijd gedraagt.
Daaruit kan bijvoorbeeld een classificatie volgen als EW30, EW60, EI30 of EI60.
Maar die classificatie staat niet op zichzelf.
Bij de test hoort een complete configuratie. Denk aan de gebruikte profielen, afmetingen, glasopbouw, bevestigingen, aansluitingen en – bij deuren – bijvoorbeeld scharnieren, sloten, drangers en overige beslagcomponenten.
Dat is belangrijk, omdat al deze onderdelen invloed kunnen hebben op het gedrag van de constructie tijdens brand.
Een ander slot lijkt misschien een kleine wijziging. Maar tijdens brand kan juist op die positie vervorming ontstaan. Een grotere glasruit betekent meer gewicht en andere thermische spanningen. Een hogere deur kan anders vervormen dan de geteste deur.
Het simpelweg toepassen van een “EI60-systeem” betekent dus niet automatisch dat iedere constructie die ermee wordt gemaakt ook EI60 is.
Van test naar toepassing
Om te bepalen wat met een getest systeem daadwerkelijk gemaakt mag worden, moeten we verder kijken dan alleen het resultaat van de brandproef.
In grote lijnen loopt de route als volgt:
eis → test → classificatie → toepassingsgebied → projectoplossing
De eerste stap begint bij het gebouw. Welke prestatie wordt op die specifieke plaats gevraagd?
Vervolgens moet er bewijs zijn van een constructie die voor die prestatie is getest. De resultaten daarvan worden vastgelegd en geclassificeerd.
Maar daarna komt misschien wel de belangrijkste stap: het bepalen van het toepassingsgebied.
Daarin wordt bepaald binnen welke grenzen het testresultaat gebruikt mag worden.
En pas als de projectspecifieke constructie binnen die grenzen valt, ontstaat een aantoonbare oplossing.
Direct Application: wat mag rechtstreeks vanuit de test?
Een brandtest zou weinig praktisch zijn wanneer uitsluitend exact dezelfde afmetingen als tijdens de proef gemaakt mochten worden.
Daarom kennen de Europese testnormen regels voor directe toepassing, vaak aangeduid als Direct Application, of DIAP.
Binnen vooraf vastgelegde grenzen mogen bepaalde eigenschappen van de geteste constructie worden aangepast zonder dat daarvoor opnieuw een volledige brandtest nodig is.
Maar daar zit een belangrijke nuance.
Die vrijheid is niet onbeperkt.
Dat een constructie tijdens een test bijvoorbeeld ruimschoots 60 minuten heeft gehaald, betekent niet automatisch dat we hem daarna naar believen groter, hoger of anders mogen uitvoeren.
De regels voor directe toepassing bepalen welke wijzigingen op basis van de testresultaten zijn toegestaan.
Daarmee wordt de test dus eigenlijk vertaald naar een eerste praktisch toepassingsgebied.
En dan is er EXAP
Voor veel constructies is het directe toepassingsgebied niet voldoende om alle uitvoeringen te kunnen maken die in de praktijk gevraagd worden.
Daar komt Extended Application, kortweg EXAP, in beeld.
Een EXAP maakt het mogelijk om testresultaten volgens vastgelegde regels uit te breiden naar andere configuraties dan exact de geteste uitvoering.
Afhankelijk van het product kan dat bijvoorbeeld betrekking hebben op:
- afmetingen;
- configuraties van deuren en zij- of bovenlichten;
- glasopbouwen;
- beslag;
- aansluitingen;
- constructieve opbouw.
Ook EXAP is echter geen vrijbrief om een geteste constructie onbeperkt te veranderen.
Het is juist een systematische methode om te bepalen welke afwijkingen op basis van bestaande testresultaten technisch onderbouwd kunnen worden.
Daarmee ontstaat een groter toepassingsgebied, maar nog steeds met duidelijke grenzen.
Het zit vaak in iets kleins
In de praktijk ontstaan problemen zelden doordat iemand bewust een compleet andere constructie kiest.
Het zit meestal in ogenschijnlijk kleine wijzigingen.
Tijdens het ontwerp wordt een deur bijvoorbeeld hoger gemaakt. De architect kiest ander beslag. Er wordt toegangscontrole toegevoegd. Het voorgeschreven glas is niet meer leverbaar en wordt vervangen door een andere opbouw. Of de aansluiting op de bouwkundige wand blijkt op de bouw anders te zijn dan op tekening.
Los bekeken lijken dat misschien details.
Voor een geteste brandwerende constructie kunnen ze essentieel zijn.
Dat geldt zeker wanneer meerdere prestaties in één constructie samenkomen. Een deur kan bijvoorbeeld niet alleen brandwerend moeten zijn, maar tegelijkertijd rookwerend, inbraakwerend, onderdeel van een vluchtroute én voorzien van toegangscontrole.
Dan gaat het niet meer om de vraag of ieder onderdeel afzonderlijk ergens een certificaat heeft.
De vraag wordt of de combinatie als geheel aantoonbaar toepasbaar is.
Het certificaat is dus niet het eindpunt
Dat is misschien de belangrijkste boodschap.
Een testrapport, classificatierapport of attest is essentieel, maar het document alleen maakt een projectspecifieke oplossing nog niet automatisch correct.
Je moet weten wat er getest is, welke classificatie daaruit volgt, welke wijzigingen binnen het directe of uitgebreide toepassingsgebied zijn toegestaan en of de uitvoering op tekening daar daadwerkelijk binnen valt.
Pas dan kun je zeggen:
dit kunnen we aantoonbaar zo maken.
En dat is iets anders dan:
we hebben hier ergens een EI60-certificaat voor.
Waarom vroeg toetsen zoveel problemen voorkomt
Veel van deze discussies ontstaan relatief laat in een project.
Het ontwerp ligt er al. De sparingen zijn bepaald. De deurmaten staan vast. Het beslag is geselecteerd en de toegangscontrole is uitgewerkt.
En dan komt de vraag bij de leverancier terecht:
“Kunnen jullie dit EI60 uitvoeren?”
Soms is het antwoord gewoon ja.
Maar soms blijkt één onderdeel buiten het toepassingsgebied te vallen en moet het ontwerp alsnog worden aangepast.
Dat kost tijd. En meestal ook geld.
Juist daarom loont het om complexe brand- en rookwerende constructies al vroeg in het ontwerp te toetsen.
Niet alleen op de gewenste classificatie, maar op de complete configuratie.
Want hoe eerder duidelijk is wat aantoonbaar mogelijk is, hoe meer ontwerpvrijheid er meestal nog overblijft.
Van eis naar aantoonbare oplossing
Bij Plooijer kijken we daarom verder dan alleen de classificatie die achter een deur of pui staat.
We kijken naar de eis in het project, de beschikbare test- en classificatiedocumentatie en het toepassingsgebied daarvan. Vervolgens beoordelen we of de gewenste afmetingen, beglazing, beslag, aansluitingen en eventuele aanvullende prestaties binnen die kaders passen.
Dat doen we met verschillende profielsystemen en oplossingen, zodat niet het systeem maar de projectspecifieke vraag het vertrekpunt vormt.
Want uiteindelijk gaat brandveiligheid niet over het verzamelen van certificaten.
Het gaat erom dat de constructie die daadwerkelijk in het gebouw wordt geplaatst aantoonbaar doet wat ervan wordt gevraagd.
Getest is belangrijk.
Aantoonbaar toepasbaar is waar het uiteindelijk om draait.
Wil je meer weten over de mogelijkheden? Neem gerust contact met ons op.